inspiratie

Mindfulness, de basis: doen en zijn

Leestijd: 3 minuten

Het is fundamenteel

In bijna elk artikel noem ik ze wel: de doe- en zijnmodus. Ze zijn fundamenteel in mindfulness. Als je een beeld of een gevoel hebt bij deze concepten, dan heb je de kern te pakken. En dan begrijp je waarom het zo ontzettend nodig is voor ons om mindfulnessvaardigheden te ontwikkelen.

De doe-modus

De doe-modus, die ken je. Daar ben je vertrouwd mee. Ik vermoed dat je er ook heel goed in bent. Dat leer automatisch, als je in onze doelbewuste westerse cultuur opgroeit. Je kunt dit bijna niet niet doen.

  1. De situatie is zo en zo
  2. Dat wil je niet
  3. Dus moet je deze stappen zetten, om bij de gewenste situatie te komen.

Ons overleven is ervan afhankelijk. Zo vergaren we geld, hebben we eten en een dak boven ons hoofd.

School en studie is in de doe-modus. Je werk is bijna altijd in de doe-modus. Doelgericht. Nuttig.

In de doe-modus ben je bezig met vooruit komen. Er is een grote focus op ‘hoe het in de (nabije) toekomst zal zijn’.

Het mooie is, we organiseren er feestjes mee. Leggen een leuke garderobe aan. Bouwen er beschavingen mee. Het spijtige is, we zijn altijd met de toekomst bezig. En dit moment beoordelen we als ‘niet goed genoeg’.

De doe-modus geeft een bepaalde onrust. Vooruit, vooruit. Beter, mooier, leuker. En hier-en-nu is enkel een middel om daar te komen.

Als we doorschieten, komen we in de stress-modus. Dan is er echt iets mis aan het hier-en-nu. Niet Goed! Moet Nu Veranderen! Je kunt in deze modus bergen verzetten. Maar ’t voelt bedreigend en opgefokt. Daarom willen we ook van stress af. Als antidote hebben we de zijn-modus:

De zijn-modus

Een zonsondergang. Je staat stil. Kijkt. Met open ogen. Open blik. De gedachten wat op de achtergrond. Geen oordeel. Zucht. Hé. Ik hoef even niets want er gebeurt zomaar iets zo beeldschoon. Gratis! Zonder dat ik er ook maar iets voor hoef te doen.

De zijn-modus vind je in Dit Moment. Dat kan groots en uitzonderlijk zijn, of heel gewoon. In welke categorie valt de dagelijkse zonsondergang eigenlijk? Allemaal lijken ze je te overkomen. Je hoeft niets te doen.

Zodra je even kunt stoppen met doen-doen-doen, is er ruimte voor zijn. En dat is verdraaid lastig, want wij zijn bezig bijtjes.

In de zijn-modus heb je aandacht voor het hier-en-nu, zonder oordeel. Zonder plan. Je kijkt niet naar wat er mis is, maar wat er ís. Je ervaart. En je ziet hoe rijk dit moment is. Niet omdat het zo fantastisch is, persé – maar wel omdat het vol is. Precies 100%. Volledig. Heel.

In de zijn-modus erken je als het ware de perfectie van het moment. Niet omdat het precies is zoals je wilt, maar omdat je beseft dat er maar één versie is van dit moment. En daarmee per definitie de beste versie.

This Is It

In de zijn-modus kun je ontspannen. Omdat je je niet in hoeft te spannen. Dat wat er gebeurt – laat je gebeuren. Je aanschouwt het ontvouwen van het moment zonder dat je je er mee bemoeit.

Het is een niet-doen. En je kunt het niet bereiken door je best te doen. Alleen door te stoppen met streven. Even.

Broodnodig

Waarom zo verschrikkelijk nodig is?

We leven in een snelle tijd met heel veel mogelijkheden. Grote vrijheid en welvaart en daarmee grote verantwoordelijkheid. Om er iets moois van te maken. (Perfectionisme!) Om ongeluk te fixen. Om geluk na te streven.

We zijn in staat een prachtige toekomt te fantaseren én te realiseren!

Daarmee is er een onrust, een gejaagdheid ingeslopen, die ons heel erg moe maak.

Zoals iemand een keer formuleerde: alsof ik de berg af ren en er zit een hele tijd een vrachtwagen op mijn hielen. Als ik zou stoppen…

We willen zó graag en zó veel, dat het een ongezonde druk is gaan vormen.

Door de zijn-modus te herontdekken – kun je uit die druk stappen. Alsof je de (mentale) zwaartekracht uit kunt zetten.

Misschien ervaar je de zwaartekracht niet als last. Maar iemand die acht uur lang op de winkelvloer kledingstukken opvouwt, ervaart de zwaartekracht wel degelijk als een belasting is.

Ons verlangen naar geluk en plezier en maakbaarheid is een beetje als de zwaartekracht. Pas als je even verlichting ervaart, kun je zien hoe zwaar het was om die druk steeds te voelen.

Met mindfulness leer je de zijn-modus weer terug vinden. Leer je te schakelen tussen doen en zijn. Ze zijn allebei belangrijk, en een balans is het allerbelangrijkst.

Bezig in de zijn-modus

De zijn-modus is niet hetzelfde als stilzitten. Je kunt ook bezig zijn in de zijn-modus. Dan doe je je handeling met aandacht. Zonder er iets van te vinden, of het anders te willen dan het gaat. Zonder met een uitkomst bezig te zijn. Rustig. Zodat je behalve doet, ook een beetje aanschouwd. Je doet te afwas, en je bent je bewust dat je de afwas doet. Je hebt oog voor het proces. En je bent niet stiekem bezig met iets anders in gedachten.

Of, je gaat op in de activiteit. Flow. Je werkt – in harmonie van hoe het zich tegelijkertijd vanzelf ontvouwt. Met een lichte toets.

Niets doen in de doe-modus: piekeren en zorgen

In de doe-modus kun je ook niks doen. Dat heet piekeren. Of je zorgen maken. Heel hard nadenken over een probleem, maar niets ondernemen. (misschien wel omdat het 3 uur ’s nachts is). Je weet hoe onprettig dat is.

Als je piekert – en je bent je er bewust van geworden – zou je kunnen kiezen.

  • Of ik ga volledig in de doe-modus; echt iets veranderen aan de situatie. (desnoods een lijstje maken om helderheid te scheppen)
  • Óf je kiest voor de zijn-modus – en accepteert dat dit het niet het moment is dat je iets aan het probleem kúnt doen, en dat je het dus ook niet hóeft te doen. Je laat het er zijn.

Herken je doen en zijn?

En jij? Herken je deze omschrijvingen van doen en zijn. Kun je momenten aanwijzen, in je leven, die vallen in de categorie ‘doen’ en ‘zijn’. Hoe is de balans? En ben je daar tevreden mee?

Zeven behulpzame houdingen

De zijn-modus kun je oefenen met de zeven houdingen van mindfulness. Dit zijn brillen die je op kunt zetten: niet-oordelen, geduld, frisse blik, vertrouwen, niet-streven, accepteren, loslaten. Meer daarover lees verder je in dit artikel.